Een jonge vrouw klimt op een kleurrijke boulderwand in een klimhal

Klimmen als beginner: wat je kunt verwachten bij je eerste bezoek aan een klimhal

Je hebt je aangemeld voor een klimhal, maar nu je er bijna naartoe gaat, vraag je je af: moet ik iets meenemen, wat trek ik aan, en is het erg als ik meteen van de muur val? Die vragen zijn volkomen normaal. Een klimhal ziet er van buiten misschien intimidatief uit, maar in de praktijk is de drempel een stuk lager dan je verwacht. In dit artikel leggen wij van Jongedame.nl uit wat je kunt verwachten bij je eerste bezoek, van het moment dat je de deur binnenstapt tot de volgende ochtend als je armen je eraan herinneren dat je iets nieuws hebt gedaan.

Wat je ziet als je binnenstapt

Een klimhal ziet er bij binnenkomst een beetje overweldigend uit. Wanden van vijf, acht, soms tien meter hoog, bezaaid met kleurrijke grepen in alle vormen en maten. Mensen in strakke broeken die er moeiteloos overheen klimmen, anderen die onderaan staan te kijken en instructies roepen, en een groep in de hoek die rustig stretcht en koffie drinkt. De sfeer is een mix tussen sportschool en buurtcentrum, en dat is precies wat het is.

Laat je niet afschrikken door de mensen die er al goed uitzien, dit gevoel ken je misschien van zelfvertrouwen in de sportschool. In elke klimhal zijn beginners volkomen normaal, en de meeste bezoekers zijn echt niet bezig met wat jij doet. Ze zijn bezig met hun eigen route, hun eigen grip, hun eigen frustratie. Dat is het mooie aan klimmen: je bent tegelijkertijd samen en bezig met je eigen uitdaging.

Stap 1: Aanmelden aan de balie

Bij de balie vraag je een dagpas of proefticket aan. In de meeste Nederlandse klimhallen betaal je ergens tussen de tien en vijftien euro voor een dagbezoek inclusief schoenverhuur, wat voor een eerste keer een prima investering is. Je vult een formulier in, soms digitaal op een tablet, soms op papier. Daarin ga je akkoord met de huisregels en verklaar je dat je de basisinstructies begrijpt.

Veel hallen bieden voor mensen die voor het eerst komen een korte veiligheidsintroductie aan, soms verplicht, soms optioneel. Als het verplicht is duurt het hooguit tien tot vijftien minuten en geeft een medewerker je uitleg over hoe de hal werkt, wat de kleurcoderingen betekenen en hoe je veilig valt. Volg die intro als je de kans krijgt, ook als hij optioneel is. Je leert er meer van dan je denkt.

Stap 2: Schoenen huren

Klimschoenen zien er klein uit, en dat zijn ze ook. Je kiest normaal gesproken een halve tot een hele maat kleiner dan je gewone schoenaat. Klinkt onlogisch, maar het doel is dat de schoen strak om je voet zit zodat je precies voelt waar je staat op de greep. Voor een eerste bezoek hoef je niet te strakke schoenen te kiezen. Vraag de medewerker om advies en geef aan dat je beginner bent; dan sturen ze je in de goede richting.

Die schoenen voelen onwennig aan, zeker als je ze voor het eerst aanhebt. Een beetje druk op je tenen is normaal en hoort erbij. Pijn die echt ongemakkelijk is, is een reden om een halve maat groter te proberen. Je eigen sneakers of hardloopschoenen meenemen heeft weinig zin: de rubber zool van klimschoenen is speciaal ontworpen voor grip op de muur, gewone schoenen glijden gewoon weg.

Stap 3: Harnas of niet?

Voor beginners is boulderen de meest laagdrempelige manier om klimmen te beginnen in een klimhal. Bij boulderen klim je op muren van maximaal vier tot vijf meter hoog, zonder touw, zonder harnas. Je hebt alleen je schoenen nodig en de dikke valmat die de hele vloer bedekt. Geen ingewikkelde knopen, geen touwtechnieken, geen partner die je moet belayeren.

De touwen en de hogere wanden zijn er ook, maar daarvoor moet je een cursus belayeren volgen of samen met iemand komen die dat al kan. Voor je allereerste bezoek is boulderen precies goed: je leert de bewegingen, de sfeer, de cultuur van de hal, en je hebt er geen extra kennis voor nodig.

Stap 4: De kleurcodering begrijpen

Elke route in een klimhal is gemarkeerd met een kleur of een getal. Hoe de codering werkt verschilt per hal, maar het principe is altijd hetzelfde: licht van kleur of laag getal is makkelijk, donker of hoog getal is moeilijk. Bij boulderen beginners in Nederland zijn routes van kleur wit, geel of groen (of een equivalent daarvan) een goede startplek.

Een route bestaat uit een set grepen met dezelfde kleur. Alleen die grepen mag je gebruiken, tenzij de hal het anders aangeeft. Begin met de makkelijkste kleur en ervaar hoe je je voeten en handen plaatst. Wees niet verleid om meteen een moeilijkere route te proberen omdat je denkt dat de eerste te simpel is. Die eerste routes leren je de basisbewegingen die je voor alles daarna nodig hebt.

Stap 5: Je eerste moves op de muur

Het grootste misverstand bij klimmen beginnen is dat je het met je armen doet. Dat doe je niet. Of beter gezegd: je doet het met je hele lichaam, maar je benen doen het meeste werk. Je armen houden je vast, je benen duwen je omhoog. Zodra je dat omdraait en gaat hangen aan je armen, zijn ze binnen twee minuten leeg en sta je beneden.

Zet je voeten bewust op de greep, met de punt van je klimschoen, en duw jezelf omhoog. Kijk naar beneden naar je voeten, ook al voelt dat tegenstrijdig. Je handen pakken de volgende greep pas als je stabiliteit hebt gevonden op je voeten. Het klinkt als veel informatie tegelijk, maar op de muur gaat het vanzelf; je lijf leert het snel.

Wij van Jongedame.nl zien dit keer op keer terug bij vrouwen die voor het eerst klimmen: ze beginnen voorzichtig, voelen zich wat onzeker, en halverwege de eerste sessie zit er al een grijns op hun gezicht omdat ze merken dat hun lichaam het begrijpt. Dat moment komt echt.

Stap 6: Vallen zonder angst

Op bouldermateriaal val je vroeg of laat, en dat is helemaal de bedoeling. De valmatten in klimhallen zijn dik en zacht, ontworpen voor precies dit soort valletjes van een paar meter. Een valletje van boulderen voelt als een sprong naar beneden, niet als een crash. Toch voelt het de eerste keer spannend, omdat je instinct zegt dat vallen gevaarlijk is.

De manier om er gerust in te worden is gewoon doen. Spring eens van een lage greep af, gewoon om te voelen wat de mat doet. Val eens bewust van een route als je er niet meer uitkomt. Na een paar keer merk je dat het meevalt, letterlijk. Zorg wel dat je bij het vallen niet op je handen landt; probeer op je voeten of je zij te landen en rol een beetje mee.

Wat je niet nodig hebt bij je eerste bezoek

Geen krijtje voor je handen, geen speciale handschoenen (die werken averechts bij klimmen), geen eigen schoenen en geen vaste partner. Je kunt prima alleen gaan. Boulderen is een solo-activiteit; je hebt niemand nodig die je vasthoudt of belayt. Je loopt gewoon naar een muur, pakt een route en klimt.

Qua kleding: een comfortabele sportbroek of legging werkt prima. Iets met bewegingsvrijheid voor je benen en armen. Geen lange sieraden aan je vingers, want die werken hinderlijk bij het pakken van grepen.

Hoe de sfeer echt is

Klimhallen staan bekend om een inclusieve cultuur, en dat klopt in de praktijk. Als je iemand vraagt hoe een bepaalde route moet of waar je je handen het best kunt zetten, krijg je bijna altijd een vriendelijk en concreet antwoord. Klimmen is een sport waarbij mensen graag kennis delen.

Voel je je onzeker om iemand aan te spreken? Wacht tot iemand niet mid-route bezig is, zeg dat je voor het eerst bent en vraag of ze even een tip hebben. Dat werkt. Niemand vindt het vervelend, en je leert er in vijf minuten meer van dan van een halfuur zelf uitproberen.

Na je sessie: de spierpijn die je verwacht versus de spierpijn die je krijgt

Je verwacht pijnlijke schouders en biceps. Wat je krijgt zijn pijnlijke onderarmen, stijve vingers en een core die protesteerde op plekken die je niet eens bewust hebt gebruikt. Dat is normaal en is eigenlijk een goed teken: je hebt spieren aangesproken die bij de meeste andere sporten nauwelijks aan de beurt komen.

De spierpijn in je onderarmen en vingers komt omdat de onderarmspieren en pezen veel werk verzetten bij het vasthouden van grepen. Die pezen herstellen langzamer dan spiervezels, dus geef ze de tijd. De eerste twee keer is die spierpijn het heftigst; daarna went je lichaam eraan.

Wanneer ga je terug?

Geef je lichaam na je eerste sessie minimaal twee tot drie dagen rust voordat je terugkomt. Pezen in je handen en vingers hebben die tijd nodig. In de eerste weken is twee keer per week een goed ritme: genoeg om vooruitgang te voelen, weinig genoeg om blessures te voorkomen.

Het kantelpunt waarop klimmen van uitproberen overgaat in hobby verschilt per persoon, maar je merkt het echt. Opeens kom je een route verder dan de vorige keer. Je denkt aan routes terwijl je ze niet doet. Je praat erover aan het einde van de dag. Voor veel vrouwen die klimmen beginnen in een klimhal begint het als een sportief uitje en eindigt het als een wekelijkse vaste afspraak met zichzelf. En dat is precies de reden waarom het de moeite waard is om gewoon die eerste stap te zetten.

Een eerste bezoek aan een klimhal is precies dat: een eerste keer. Je hoeft de muur niet te bedwingen en het maakt niet uit als je halverwege een route afstapt. De meeste beginners merken dat ze na een uurtje al meer gevoel krijgen voor hun voeten en de grepen, en dat is genoeg voor één dag. Neem daarna de tijd om bij te komen, want je onderarmen en vingers zijn spieren die je normaal nauwelijks zo belast. Heb je het gevonden wat je zocht? Dan is de kans groot dat je snel een tweede bezoek inplant.